Naar de inhoud

Kennisbank · Online marketing

Wat is online branding?

16 min leestijd

Online branding is zorgen dat je op elke digitale plek waar iemand je tegenkomt hetzelfde bedrijf bent. Je website, je zoekresultaat, je bedrijfsprofiel, je socialeprofielen en de mails die je verstuurt.

Het is zelden een project dat je begint. Het is de optelsom van wat er al staat, en bij de meeste bedrijven staat er op vijf plekken iets anders.

Waarin de online kant afwijkt

Wat er bij branding als geheel komt kijken heb ik apart beschreven: positionering, huisstijl, toon, beleving. Die keuzes maak je één keer en ze gelden overal, ook op papier en aan de telefoon. Hier gaat het over wat er anders gaat zodra er een scherm tussen staat.

Drie dingen werken online anders. Je hebt lang niet alles zelf in de hand, want een flink deel van wat mensen over je zien staat op platforms van anderen. Alles ligt naast elkaar, dus vergelijken met een concurrent kost vijf seconden. En fouten blijven staan: een oud telefoonnummer in een branchegids uit 2019 staat er over drie jaar nog steeds.

Daar staat iets tegenover. Een groot deel van je online gezicht kun je vandaag zelf repareren, zonder dat het meer kost dan een middag. Dat is bij drukwerk en bewegwijzering wel anders.

Wat mensen zien als ze je naam intikken

Zoek je eigen bedrijfsnaam op in een privévenster en kijk naar het hele scherm. Dat is voor veel mensen het eerste beeld van je bedrijf, en meestal niet het beeld dat jij voor ogen had.

Bovenaan staat je eigen site, met een titel en twee regels tekst eronder. Die titel komt uit de titeltag van de pagina, de tekst uit de metabeschrijving. Allebei stel je in met de SEO-plugin die op je site staat. Google mag ervan afwijken en doet dat regelmatig, maar zonder een fatsoenlijke eigen tekst kiest hij zelf een willekeurige zin uit je pagina.

Daaronder komt de rest: je LinkedIn, je Facebookpagina, een vermelding uit het Handelsregister, een oud nieuwsbericht, soms een vacaturesite waar je nooit van hebt gehoord. Op dat blok heb je indirect invloed, want de profielen die je zelf goed bijhoudt komen hoger te staan dan de profielen die je laat verslonzen.

Reken op een week of twee voordat een gewijzigde titel in de zoekresultaten opduikt. Zolang Google je pagina niet opnieuw heeft opgehaald blijft de oude tekst staan, hoe vaak je zelf ook ververst.

Je Google Bedrijfsprofiel

Voor een bedrijf met een adres of een werkgebied is dit het zwaarst wegende profiel dat je hebt. Het staat rechts naast de zoekresultaten en in Maps, en het is vaak het eerste wat iemand op zijn telefoon ziet.

De hoofdcategorie doet het meeste werk. Die bepaalt voor welke zoekopdrachten je in het kaartblok kunt verschijnen, dus kies de categorie die het dichtst bij je hoofdactiviteit ligt en niet de breedste die je kunt vinden. Nevencategorieën voeg je toe voor de rest.

Openingstijden zijn het punt waar het het vaakst misgaat. Zet ook je afwijkende dagen erin: kerst, oud en nieuw, Koningsdag, de weken dat je dicht bent. Iemand die voor een dichte deur staat omdat je profiel zei dat je open was, vertelt dat door.

Er is de laatste jaren het een en ander verdwenen. De losse app voor het beheren van je profiel is in 2024 uitgezet; je beheert het nu vanuit Google Zoeken en Maps als je met het juiste account bent ingelogd. In maart 2024 heeft Google ook de simpele websites uitgezet die je vanuit een bedrijfsprofiel kon maken. Bedrijven die daarop leunden als enige site stonden opeens zonder. Zonde, en een goede reden om je eigen domein als thuisbasis te houden.

Overal dezelfde naam, hetzelfde adres, hetzelfde nummer

Schrijf je bedrijfsnaam, adres en telefoonnummer overal identiek. Dus niet Jansen Installatie op de ene plek en Jansen Installatietechniek B.V. op de andere, en niet één keer 06 en één keer +316.

Dat is geen muggenzifterij. Zoekmachines koppelen vermeldingen aan elkaar op basis van die gegevens, en bij een lokale zoekopdracht telt het mee. Voor een bezoeker is het simpeler: drie varianten van je nummer wekken de indruk dat er iets niet klopt.

Ga bij een verhuizing of een nieuw nummer alle plekken langs waar je staat. Je site, je bedrijfsprofiel, je socialeprofielen, je e-mailhandtekening, je facturen, de branchegidsen waar je ooit in bent gezet en de site van je brancheorganisatie. Het is saai werk en het is één middag.

Oude vermeldingen die je niet kunt bewerken omdat je het wachtwoord kwijt bent, kun je bij de meeste gidsen laten aanpassen via een contactformulier. Vraag om verwijdering als de vermelding nergens meer over gaat.

Je domeinnaam en wie hem bezit

Je domeinnaam is het enige online adres waar niemand anders iets over te zeggen heeft. Alle andere plekken zijn geleend.

Voor een Nederlands bedrijf is een .nl in de regel de beste keuze, omdat mensen die hier verwachten. Een .com erbij is prima als je die ook laat doorverwijzen naar hetzelfde adres. Wat je niet wilt is twee sites naast elkaar met dezelfde inhoud op verschillende domeinen, want dan verdeel je je bezoek en je herkenning over twee namen. Welke uitgang je kiest maakt minder uit dan dat je er één als thuisadres aanwijst.

Controleer wie er als houder van je .nl geregistreerd staat. Dat hoort jouw bedrijf te zijn, niet je webbouwer en niet een oud-medewerker. Bij .nl-domeinen legt SIDN die houder vast, en je kunt het bij je provider opvragen. Een domeinnaam die op naam van iemand anders staat, ben je in een ruzie kwijt.

Kies daarnaast één schrijfwijze en houd die aan. Met of zonder www, en met https. Alle andere varianten laat je doorverwijzen naar die ene. Dat is een instelling bij je hosting die je één keer goed zet.

Mail vanaf je eigen domein

Een offerte die binnenkomt vanaf een gratis mailadres kost je opdrachten die je nooit zult tellen. Mail vanaf je eigen domein is de goedkoopste geloofwaardigheid die er bestaat.

Daar hoort tegenwoordig bij dat je domein technisch op orde is. Er zijn drie afzenderscontroles: SPF zegt welke servers namens jou mogen versturen, DKIM zet een handtekening onder je bericht en DMARC vertelt de ontvanger wat hij moet doen als een van beide niet klopt. Staan die niet goed, dan belandt je mail in de map ongewenst en denkt de ontvanger dat je niet hebt gereageerd.

Sinds februari 2024 stellen Google en Yahoo hier hardere eisen aan. Wie in bulk verstuurt moet SPF, DKIM en DMARC hebben ingesteld en een afmeldlink bieden die met één klik werkt. Dat raakt iedereen die een nieuwsbrief verstuurt, ook via een pakket als Mailchimp of Laposta.

Let ook op de naam die de ontvanger ziet staan. In veel mailprogramma's is dat het enige wat op een telefoon zichtbaar is, en bij bedrijven staat daar vaak nog de naam van een oude medewerker of het woord Info.

Wat je site technisch uitstraalt

Voordat iemand een woord heeft gelezen, heeft hij al een oordeel. Dat oordeel komt van drie technische dingen.

Snelheid is de eerste. Een pagina die traag opbouwt of waar de tekst nog een keer verspringt, voelt slordig. Dat is geen gevoelskwestie: mensen haken af voordat ze weten waar ze zijn.

Daarna komt of het op een telefoon fatsoenlijk werkt. Het meeste bezoek komt daar vandaan en daar vallen de fouten het hardst op: knoppen die te dicht op elkaar staan, een menu dat niet sluit, een formulier waar je op moet inzoomen. Daarom is je website optimaliseren voor mobiel geen extraatje meer.

En dan of je site over https gaat. Het vertrouwde slotje in de adresbalk heeft Chrome in 2023 vervangen door een ander icoontje, maar een site zonder geldig certificaat krijgt nog steeds een waarschuwing die niemand negeert. Een verlopen certificaat levert dezelfde waarschuwing op.

Nog een detail dat je merkbeeld raakt en dat vaak fout staat: lettertypes die je site rechtstreeks bij Google ophaalt. Een Duitse rechtbank oordeelde in 2022 dat dat zonder toestemming in strijd was met de AVG, omdat het IP-adres van je bezoeker daarbij naar een server in de Verenigde Staten gaat. Je zet zulke lettertypes gewoon op je eigen server, dan is het probleem weg en laadt je site ook nog sneller.

Hoe je online klinkt

Je tone of voice bepaal je één keer. Online raak je hem kwijt op precies die plekken waar je er nooit meer naar kijkt.

De bevestigingsmail na een formulier is de bekendste. Die komt uit je formulierplugin en begint bij de meeste sites met "Bedankt voor uw bericht" terwijl je op de rest van je site je zegt.

Dan de teksten in en om dat formulier zelf. De labels boven de velden, de foutmelding als iemand zijn e-mailadres verkeerd typt, de tekst op de knop. Knoppen met Verzenden erop staan overal; er staat zelden op wat er gebeurt als je erop drukt.

En je cookiebanner, wat vaak de allereerste zin is die je bezoeker leest. Bij de meeste sites is dat een juridische alinea in een heel andere stem dan de rest.

Kies daarnaast één vorm en houd die overal aan. Je of u, ik of wij. Bij een eenmanszaak is wij zeggen een leugentje dat iedereen doorheeft.

Socialeprofielen

Kies één of twee kanalen waar je klanten echt zitten en laat de rest los. Vijf halfdode profielen doen meer kwaad dan twee die leven, want een profiel waar het laatste bericht van twee jaar geleden is, roept de vraag op of je nog bestaat.

Zorg dat je naam en je profielfoto op elk kanaal identiek zijn. Zo vinden mensen je terug, en zo koppelen ze het kanaal aan het bedrijf dat ze in Google zagen.

Let op wie eigenaar is van de accounts. Een pagina die op de persoonlijke inlog van een oud-medewerker staat, ben je bij vertrek kwijt, en dat merk je pas als je hem nodig hebt. Zet accounts op een bedrijfsaccount met minstens twee beheerders. De rest van de inrichting hoort thuis in je social media strategie.

Een kanaal dat je stopzet ruim je op. Zet er een laatste bericht op met waar mensen je wel vinden, haal verouderde gegevens weg, of verwijder het profiel helemaal. Een verlaten pagina met een oud adres is slechter dan geen pagina.

Wat anderen over je publiceren

Het deel van je online merk waar je het minst over te zeggen hebt, weegt voor twijfelende bezoekers het zwaarst. Beoordelingen, vermeldingen in artikelen, een klacht in een forum.

Vraag beoordelingen systematisch. Niet met een campagne, maar door het standaard te doen aan het einde van een klus, met een directe link naar je bedrijfsprofiel. Verzinnen of laten schrijven mag sinds 2022 niet meer, en wat je met online reviews wel kunt doen is een onderwerp op zich.

Reageer op de negatieve. Niet om te winnen, maar omdat de volgende lezer ziet hoe je met een probleem omgaat. Een rustige reactie onder een boze beoordeling doet meer voor je merk dan tien vijfsterrenregels.

Zoek een paar keer per jaar je bedrijfsnaam samen met woorden als klacht of ervaringen. Dan weet je wat een twijfelende klant tegenkomt voordat hij belt.

Wat je publiceert

Alles wat je publiceert vertelt iets over hoe je werkt. Een artikel dat een vraag echt beantwoordt, laat zien dat je het vak beheerst; drie regels met een voorraadje trefwoorden laat het tegenovergestelde zien.

Voor een klein bedrijf is dit het meest onderschatte stuk online branding. Je hoeft geen reclame te maken, je hoeft alleen op te schrijven wat je aan de telefoon toch al uitlegt.

Herhaling doet hier het werk. Iemand leest een stuk van je, komt je een halfjaar later in een zoekresultaat tegen, ziet je daarna in zijn tijdlijn. Pas dan blijft de naam hangen. Volhouden is het lastigste deel, en daar helpt een contentkalender bij.

Toegankelijkheid en de wet

Sinds 28 juni 2025 geldt de Europese toegankelijkheidsrichtlijn, in Nederland ingevoerd als de Implementatiewet toegankelijkheidsvoorschriften producten en diensten. Die stelt eisen aan onder meer webwinkels, bankieren, vervoer en e-books.

Voor de kleinste dienstverleners is er een uitzondering: ondernemingen met minder dan tien medewerkers en een omzet of balanstotaal onder de twee miljoen euro vallen er bij diensten buiten. Verkoop je online aan consumenten en groei je daarboven, dan gaat het wel over jou.

Los van de wet is toegankelijkheid gewoon vakwerk. Voldoende contrast tussen tekst en achtergrond, een site die met het toetsenbord te bedienen is, afbeeldingen met een alt-tekst, video's met ondertiteling. Dat helpt iedereen die in de trein zit of een oud schermpje heeft, en het is het soort zorgvuldigheid dat mensen aan je merk toeschrijven zonder het te benoemen.

Wat je online kunt meten

Merkbekendheid laat zich lastig meten, want er zit geen knop tussen. Online heb je wel een paar getallen die niets kosten.

Zoekopdrachten op je bedrijfsnaam in Search Console zijn de eerlijkste. Filter je zoekwoorden op je merknaam en kijk naar de trend over twaalf maanden. Search Console bewaart zestien maanden geschiedenis, dus exporteer af en toe iets als je verder terug wilt kijken.

Direct verkeer in je statistieken is de tweede: mensen die je adres intikken of uit hun bladwijzers halen. Dat cijfer is rommelig, want er komt van alles in terecht wat niet herleidbaar is. De richting waarin het beweegt zegt wel iets, mits je over kwartalen kijkt en niet over weken.

En dan de vraag aan nieuwe klanten waar ze van je gehoord hebben. Eén open veld in je offerteformulier. Minder precies dan software en veel bruikbaarder, want mensen noemen dingen die je nergens terugziet, zoals een buurman of een oude collega.

Er zijn meer manieren om brand awareness in beeld te brengen, en die kosten vrijwel allemaal geld. Deze drie kosten niets.

Waar het misgaat

Steeds veranderen. Een nieuw logo, een nieuwe naam voor dezelfde dienst, een nieuwe stijl. Elke wijziging zet je herkenning een stuk terug, en online zie je de resten van de vorige versie nog jaren staan.

Overal willen zijn. Vijf kanalen die je half bijhoudt maken een slechtere indruk dan één die je goed doet.

Beloven wat je niet waarmaakt. Je merk is wat mensen ervaren, niet wat er op je site staat. Online komt dat verschil sneller boven water, want ontevreden klanten schrijven het op.

Alles uitbesteden zonder toegang. Je domein, je bedrijfsprofiel, je socialeaccounts en je hosting horen op naam van je bedrijf te staan, ook als iemand anders ze beheert. Zonder toegang kun je niets repareren op het moment dat het nodig is.

Denken dat het gratis is. Het kost tijd of geld, meestal allebei. Er is geen versie waarin het vanzelf gaat.

Veelgestelde vragen over online branding

Wat is het verschil tussen branding en online branding?

Branding is het geheel: waar je voor staat, hoe je heet, hoe je eruitziet en hoe mensen je ervaren. Online branding is diezelfde keuze doorvoeren op de digitale kanalen.

Je bedenkt niets nieuws voor online. Je zorgt dat wat je hebt bedacht ook klopt op de plekken waar je zelf niet dagelijks kijkt.

Waar begin ik als ik nog niets heb?

Bij één zin: wat je doet, voor wie, en waarin je anders bent. Zet die zin daarna letterlijk hetzelfde bovenaan je site, in je bedrijfsprofiel, in je mailhandtekening en in je profielteksten.

Dat is de goedkoopste branding die er is en het kost een uur. Pas daarna wordt een logo of een huisstijl interessant.

Heb ik een logo nodig voor online branding?

Je hebt iets nodig dat herkenbaar is, en dat mag simpel zijn. Een woordmerk in een vast lettertype met een vaste kleur werkt online prima.

Wat je wel wil hebben is je logo als vectorbestand, dus svg of eps, en niet alleen een jpg uit een presentatie. Anders kun je het niet netjes klein maken voor een profielfoto en niet op een donkere achtergrond zetten.

Hoe lang duurt het voordat online branding iets oplevert?

Het opruimwerk werkt direct. Een kloppend bedrijfsprofiel, een zoekresultaat dat klopt en één verhaal op alle kanalen merk je binnen weken, omdat mensen die je opzoeken minder twijfelen.

Bekendheid opbouwen duurt jaren. Wie je binnen een halfjaar een bekend merk belooft, verkoopt je iets anders.

Moet ik op alle socialemediakanalen zitten?

Nee. Kies er één of twee waar je klanten zitten en doe die goed.

Wel handig: je bedrijfsnaam vastleggen op de kanalen die je nu niet gebruikt, zodat iemand anders er niet mee aan de haal gaat. Zet er dan een profielfoto en een regel met je website op en laat hem verder met rust.

Wat doe ik met een negatieve beoordeling?

Reageer, kort en rustig, binnen een paar dagen. Erken wat er is misgegaan, zeg wat je eraan doet en bied aan het buiten de openbare ruimte af te maken.

Verwijderen lukt alleen als de beoordeling in strijd is met de regels van het platform, bijvoorbeeld bij scheldwoorden of bij iemand die nooit klant is geweest. Dat kun je melden, maar reken er niet op.

Mag ik klanten om een beoordeling vragen?

Ja, vragen mag en het is de enige manier om er structureel aan te komen. Vraag het aan iedereen, niet alleen aan de klanten waarvan je weet dat ze tevreden zijn.

Wat niet mag is beoordelingen verzinnen, laten schrijven of belonen zonder dat erbij staat dat er iets tegenover stond. Toon je beoordelingen op je eigen site, dan hoor je erbij te zetten of en hoe je controleert dat ze van echte klanten komen.

Wat is een merkzoekopdracht?

Een zoekopdracht waar je bedrijfsnaam in staat, zoals je naam alleen of je naam met een plaats erachter. Die mensen kennen je al en zoeken alleen nog het adres of het telefoonnummer.

Het aantal van die zoekopdrachten is het beste gratis cijfer voor je bekendheid. Je vindt het in Search Console door je zoekwoorden te filteren op je merknaam.

Hoe vaak moet ik mijn online gegevens controleren?

Eén keer per jaar een rondje langs alle plekken waar je staat is genoeg, plus een extra rondje na elke verandering in je adres, je nummer, je openingstijden of je aanbod.

Zet het als terugkerende taak in je agenda. Het is het soort werk dat niemand mist tot een klant erover valt.

Kan ik online branding zelf doen of heb ik een bureau nodig?

Het opruimwerk kun je zelf. Profielen bijwerken, gegevens gelijktrekken, teksten controleren, beoordelingen vragen: daar heb je niemand voor nodig.

Voor het ontwerp, de techniek achter je site en de instellingen van je mail is hulp meestal verstandiger, omdat de fouten daar duur zijn en niet zichtbaar. Zorg wel dat alles op naam van je bedrijf staat.

Wat doe ik als iemand anders mijn bedrijfsnaam online gebruikt?

Kijk eerst wat het is. Een naamgenoot in een andere branche en een andere regio kan naast je bestaan; iemand die in jouw markt jouw naam gebruikt is een ander verhaal.

Bij een profiel op een platform kun je melding doen bij het platform zelf. Gaat het om een domeinnaam of een handelsnaam en heb je er echt last van, dan is dit het moment om juridisch advies te vragen in plaats van zelf te gaan mailen.

Moet ik mijn domeinnaam ook in andere uitgangen vastleggen?

Meestal niet. Eén domein dat je goed gebruikt is genoeg, en de kosten van een handvol varianten lopen elk jaar door.

Twee uitzonderingen zijn het overwegen waard: een veelgemaakte typefout in je naam, en de .com als je naam ook buiten Nederland gangbaar is. Laat die dan doorverwijzen naar je hoofdadres in plaats van er een tweede site op te zetten.

Hoe kom ik in het kaartblok van Google?

Door een Google Bedrijfsprofiel aan te maken en te laten verifiëren, met een adres of een werkgebied en de juiste hoofdcategorie. Zonder profiel kom je in dat blok niet voor, hoe goed je website ook is.

Daarna bepalen vooral je categorie, de afstand tot degene die zoekt en je beoordelingen of je erin verschijnt. Aan die laatste kun je zelf het meeste doen.

Telt online branding ook als ik alleen zakelijke klanten heb?

Ja, en soms zwaarder. Bij een zakelijke opdracht kijken meerdere mensen je op voordat er wordt getekend, en die kijken naar je site, je LinkedIn en wat er verder over je te vinden is.

Het verschil zit in de kanalen. Waar een consumentenbedrijf het van Instagram en Maps moet hebben, komt bij zakelijke klanten het meeste aan op je website, je vindbaarheid op je vakgebied en je aanwezigheid op LinkedIn.

Dit artikel hoort bij Online marketing. Daar vind je meer uitleg over hetzelfde onderwerp.

Een vraag over dit onderwerp?

Vertel waar je tegenaan loopt.

Maurits denkt met je mee en geeft je een praktisch antwoord.

reactie dezelfde werkdag
Maurits van Platform Pro

Vertel kort waar je aan denkt

Nu gesloten, ik reageer de volgende werkdag

Maurits leest je bericht en neemt persoonlijk contact met je op.

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
Dit veld is verborgen bij het bekijken van het formulier