Naar de inhoud

Kennisbank · Internet Marketing Begrippen

Wat is tone of voice?

Maurits 16 min leestijd

Tone of voice is de manier waarop je bedrijf schrijft en praat. Welke woorden je kiest, hoe lang je zinnen zijn, of je tutoyeert, hoeveel humor erin zit.

Het is niet wat je zegt maar hoe. Twee bedrijven kunnen exact dezelfde dienst aanbieden en toch compleet anders overkomen. Dit artikel gaat vooral over het praktische deel: hoe je die toon zo opschrijft dat iemand anders hem kan overnemen, en waarom kopiëren van een groot merk bijna altijd misgaat.

Stem en toon zijn twee verschillende dingen

Je stem verandert niet, je toon wel. Dat onderscheid maakt het hele onderwerp hanteerbaar.

Je stem is wie je bent: nuchter, precies, warm, droog. Die blijft hetzelfde in een offerte, een storingsmelding en een bericht op sociale media. Je toon is de stand waarin die stem staat op dat moment. Dezelfde nuchtere schrijver klinkt anders bij een felicitatie dan bij een factuurherinnering.

Wie dat door elkaar haalt, komt uit bij een bedrijf dat overal even vrolijk is, ook als er net iets is misgegaan. Dat is het punt waarop een toon van een eigenschap in een tic verandert.

Waarom het bij een klein bedrijf zwaarder weegt

Bij een klein bedrijf is dit vaak het sterkste onderscheid dat je hebt, en het kost niets.

Je dienst lijkt op die van de rest, je prijzen liggen in dezelfde buurt, en je site is net zo blauw. Wat overblijft is hoe je klinkt. Dat bepaalt of iemand het gevoel heeft dat hij met jou wil werken.

Er is een tweede reden bij gekomen. Sinds er machinaal geschreven tekst bij komt in een tempo dat niemand kan bijhouden, is de standaardstijl van internet erg herkenbaar geworden. Vlot, netjes, evenwichtig en volstrekt inwisselbaar. Een tekst die klinkt alsof er iemand achter zit, valt daardoor harder op dan vijf jaar geleden.

Dezelfde boodschap in vijf registers

Abstract praten over toon levert niets op. Hier is één mededeling, vijf keer opgeschreven: een bestelling is vertraagd.

  • Ambtelijk. "Wij informeren u hierbij dat de levering van uw bestelling helaas vertraging heeft opgelopen. Wij streven ernaar u op korte termijn nader te berichten."
  • Zakelijk neutraal. "Uw bestelling is vertraagd. We verwachten donderdag te verzenden en laten het weten zodra dat is gebeurd."
  • Persoonlijk en direct. "Je bestelling is vertraagd, sorry daarvoor. Hij gaat donderdag de deur uit en ik laat het je weten zodra dat gebeurd is."
  • Vlot. "Balen, je pakketje is vertraagd. Donderdag gaat het eruit en dan hoor je het van ons."
  • Vakinhoudelijk. "De vertraging zit bij de leverancier van het onderdeel. Zodra dat binnen is gaat je bestelling dezelfde dag mee, naar verwachting donderdag."

Vergelijk de eerste met de rest. Wat de ambtelijke versie kenmerkt is niet dat hij beleefd is, maar dat er geen datum in staat en dat niemand iets doet. "Wij streven ernaar" is een zin zonder handelende persoon. De klant weet na het lezen evenveel als daarvoor.

Kijk daarna naar wie het onderwerp van de zin is. In versie drie staan de klant en de schrijver zelf vooraan. Dat is een grotere ingreep dan het woordgebruik, en het is de reden dat die versie persoonlijk voelt zonder joviaal te zijn.

Alle vijf zijn bruikbaar, alleen niet voor hetzelfde bedrijf. Een installateur die de vlotte versie stuurt terwijl er water in de meterkast staat heeft een probleem. Een sokkenwinkel die de ambtelijke versie stuurt ook.

Nee zeggen is de echte test

Toon is makkelijk als je goed nieuws hebt. Het verschil tussen bedrijven zit in de berichten die niemand wil sturen.

Neem een klant die vraagt of iets binnen de garantie valt terwijl dat niet zo is. In de ambtelijke stand wordt dat: "Na beoordeling is gebleken dat de door u gemelde schade niet onder de garantiebepalingen valt." In de directe stand: "Deze schade valt niet onder de garantie, want die dekt alleen fabricagefouten. Repareren kan wel, en dat kan ik volgende week doen. Ik stuur je vanmiddag wat het kost."

De tweede is korter, harder en tegelijk vriendelijker. Dat komt doordat de reden erbij staat, er een alternatief wordt geboden, en er geen woord in staat dat de afwijzing probeert te verzachten.

Verzachten is precies waar het misgaat. "Helaas moeten wij u mededelen" en "in principe zou dit mogelijk zijn" doen het tegenovergestelde van wat ze bedoelen. De ontvanger moet de zin twee keer lezen om te weten of hij ja of nee heeft gekregen.

Leg daarom in je toondocument vast hoe je nee zegt. Dat is de plek waar een collega of een tekstschrijver het snelst de mist in gaat, want daar valt iedereen terug op de formuleringen die hij van andere bedrijven kent.

De keuzes die je vastlegt

Een toon is uiteindelijk een stapel kleine besluiten. Deze zes bepalen het meeste.

  • Je of u. Kies er één en houd hem overal aan, ook in je automatische bevestigingsmails. Wisselen valt op.
  • Wij of ik. Bij een eenmanszaak is "ik" eerlijker en het werkt beter. "Wij" bij een bedrijf van één persoon voelt als grootspraak, en klanten prikken daar sneller doorheen dan je denkt.
  • Vakjargon of gewone taal. Vertaal je vaktermen, tenzij je klanten ze zelf gebruiken. Een installateur die aan collega's levert mag over kv-waarden praten, bij particulieren niet.
  • Zinslengte. Korte zinnen lezen makkelijker en klinken zelfverzekerder. Wissel wel af, anders gaat het dreunen.
  • Actief of lijdend. "Wij hebben je aanvraag ontvangen" tegenover "Uw aanvraag is in behandeling genomen". In de tweede zin doet niemand iets, en dat is de kern van ambtelijke taal.
  • Humor. Mag, en het is riskant. Wat grappig is bij de een is ongepast bij de ander, en bij slecht nieuws werkt het nooit.

Zes is genoeg. Wie er twintig regels van maakt, krijgt een document dat niemand openslaat.

Je of u

Dit is in het Nederlands een echte keuze, en er bestaat geen veilig antwoord. Beide kanten hebben een prijs.

"U" is niet automatisch beleefd. Het schept afstand, en die afstand kan precies goed zijn bij een notaris of een uitvaartondernemer en precies verkeerd bij een fietsenmaker. "Je" is niet automatisch vriendelijk; bij een oudere doelgroep of bij een gevoelig onderwerp kan het achteloos overkomen.

Kijk naar hoe je klanten jou aanspreken in hun eerste mail. Dat is het bruikbaarste signaal dat er is en het staat al in je postvak. Verkoop je aan Vlaanderen, houd er dan rekening mee dat de grens daar anders ligt: "u" klinkt in België minder afstandelijk dan hier.

Nog twee punten. Een hoofdletter in "U" is uit de tijd en leest als een handleiding uit 1985. En als je "je" kiest, moet je aanhef mee: "Beste meneer of mevrouw" boven een informele mail spreekt zichzelf tegen.

Hoe je je eigen toon vindt

Niet door drie bijvoeglijke naamwoorden te kiezen in een merkboek. Begin bij hoe je praat.

Neem een gesprek met een klant op, of schrijf na afloop op hoe je iets hebt uitgelegd. Dat is je toon. Bijna iedereen praat helderder dan hij schrijft, omdat er bij schrijven een soort officiële stem tevoorschijn komt die niemand nodig heeft.

Een tweede bron is je verzonden post: de mails waar klanten het snelst en vriendelijkst op reageerden. Die schreef je zonder erover na te denken, en daar staat je toon in.

Kijk daarna naar je klanten. Tutoyeren ze jou? Gebruiken ze vakjargon of niet? Wat past bij het moment waarop ze bij je komen? Iemand met een lekkage wil geen luchtigheid. Als je die groep scherper in beeld wilt hebben, helpt een doelgroepanalyse, en een uitgeschreven marketingpersona is bij het schrijven vaak handiger dan een lijst kenmerken.

De laatste toets is de goedkoopste: lees je tekst hardop. Zou je dit zo zeggen tegen een klant die tegenover je zit? Zo niet, schrijf het anders op. Die methode is betrouwbaarder dan welk merkboek ook.

Hoe je hem vastlegt op één A4

Eén A4 is genoeg, en meer dan één A4 werkt tegen je.

Bovenaan: voor wie je schrijft, in één zin. Daaronder de keuzes uit de vorige sectie, elk in een halve regel. Dan drie woorden die je stem beschrijven, als geheugensteun en niet als heel document.

Het grootste deel van het vel is een lijst met voorbeelden in twee kolommen: wat je wel schrijft en wat je niet schrijft. Acht regels is genoeg, mits ze uit je eigen praktijk komen.

Daarna een verbodenlijst: woorden die je nooit gebruikt. Bij de meeste bedrijven staat daar iets als ontzorgen, oplossingsgericht, no-nonsense en op maat. Zet erbij waarom, anders komen ze terug.

Onderaan de vier situaties: goed nieuws, slecht nieuws, uitleg en weigering, met bij elk één voorbeeldzin. Dat blok wordt het vaakst geraadpleegd, want dat zijn de momenten waarop iemand twijfelt.

Zet er tot slot een datum en een naam op. Een toondocument zonder eigenaar wordt niet bijgewerkt.

Voorbeelden doen het werk, bijvoeglijke naamwoorden niet

Vraag tien mensen om een tekst te schrijven die "toegankelijk, deskundig en betrokken" is en je krijgt tien verschillende teksten. Geef ze tien voorbeeldzinnen en vraag om iets in diezelfde trant, en je krijgt tien keer ongeveer hetzelfde.

Daarom weegt het voorbeeldenblok zwaarder dan de rest van je document. Eén voorbeeldzin bevat de woordkeuze, de zinslengte, de aanspreekvorm en de directheid tegelijk, zonder dat je die vier hoeft te benoemen.

Zet naast elkaar wat je wel en niet schrijft. "We hebben je aanvraag ontvangen" tegenover "Uw aanvraag is in behandeling genomen". "Dat kan ik donderdag doen" tegenover "Wij zullen dit zo spoedig mogelijk voor u inplannen". "Dit zit niet in de prijs" tegenover "Hiervoor gelden aanvullende voorwaarden". Zinnen die hetzelfde zeggen en een compleet ander bedrijf laten zien.

Zet er ook een paar zinnen bij uit je eigen oude teksten die je niet meer zou schrijven.

De toon overdragen aan iemand anders

Een toon die alleen in jouw hoofd zit, verdwijnt zodra iemand anders gaat schrijven. Zolang je alles zelf typt merk je daar niets van.

Geef een nieuwe schrijver drie dingen: het A4, vijf teksten die je goed vindt van jezelf, en één tekst die je slecht vindt met erbij waarom. Dat laatste levert de meeste winst op, want afkeuren is concreter dan goedkeuren.

Spreek af dat de eerste drie stukken langs jou gaan, en geef commentaar in termen van het document. "Deze zin is lijdend, maak er iets van dat wij doen" is bruikbaar. "Voelt niet als ons" is dat niet, en dat is wat de meeste schrijvers te horen krijgen.

Hetzelfde geldt voor tekst die je door een taalmodel laat opstellen. Zo'n model heeft een eigen standaardstijl en die overschrijft je toon binnen twee alinea's. Wil je er iets bruikbaars uit krijgen, plak dan je voorbeeldzinnen en je verbodenlijst mee in de opdracht, en reken erop dat je de uitkomst nog steeds moet herschrijven.

Bewaar het document ergens waar iemand die een offerte zit te typen het tegenkomt. In de map van het merkontwerp kijkt niemand.

Wat er misgaat als je een groot merk kopieert

Dit is de meest gemaakte fout, en hij is begrijpelijk: je ziet een toon die werkt en denkt dat je die kunt lenen.

De vlotte, grappige toon die je in Nederland van een grote webwinkel kent, staat niet op zichzelf. Daar zit een organisatie achter die bezorging op zondag waarmaakt, die de telefoon opneemt, en die een afdeling heeft die de hele dag niets anders doet dan die teksten schrijven en testen. De toon is de bovenste laag van een belofte die de rest van het bedrijf nakomt.

Leen je alleen die bovenste laag, dan beloof je iets wat je niet levert. Een vrolijk bericht over een pakketje dat er niet is, is erger dan een zakelijk bericht over een pakketje dat er niet is. Grappig zijn verhoogt de verwachting, en dat is precies de verkeerde richting op het moment dat er iets misgaat.

Er is een tweede probleem: je houdt het niet vol. Een toon die niet bij je past kost bij elke zin energie, dus na drie maanden schrijf je weer gewoon. Dan staat er op je homepage één vrolijke tekst uit de tijd dat je enthousiast was, met daaronder tien pagina's in je eigen stem. Dat leest als een bedrijf dat is overgenomen.

En de schaal klopt niet. Een groot merk moet opvallen tussen concurrenten die iedereen kent; jij moet vertrouwd overkomen bij iemand die je nog nooit had gehoord. Dat vraagt om een andere toon, niet om een luidere. Hoe de toon past in het geheel van je uitstraling staat in het artikel over online branding.

Kopiëren mag wel op één punt: kijk hoe zo'n merk zijn slechtnieuwsberichten schrijft. Daar zit het vakwerk, en dat is overdraagbaar naar elke schaal.

De plekken waar niemand naar kijkt

Je site en je offerte krijgen aandacht. De rest van je teksten is ooit ingesteld en daarna nooit meer gelezen, en juist daar zit de standaardtaal van een systeem.

Loop deze plekken één keer langs. De foutmeldingen in je formulieren, waar vaak nog "Dit veld is verplicht" of zelfs een Engelse melding staat. Je bedankpagina, je 404-pagina, je bevestigings- en factuurmails, je afwezigheidsbericht en je voicemail. En de cookiemelding, bij veel sites de meest afstandelijke tekst die er staat en de eerste die een bezoeker ziet.

De teksten bij je knoppen horen er ook bij. "Verzenden" is een instructie aan de computer; "Stuur mijn aanvraag" is een zin van de bezoeker. Wat een goede call-to-action doet is dus deels een toonkwestie. Hetzelfde geldt voor de veldnamen en de uitleg in je contactformulier.

Dit is werk van een uurtje en het is het deel waarvan je het effect nog kunt zien ook: minder half ingevulde formulieren en minder vragen over wat je bedoelde.

Duidelijke taal is soms ook een eis

Begrijpelijk schrijven is niet alleen een stijlkeuze. Op een paar plekken staat het in de wet.

De AVG verplicht je om informatie over persoonsgegevens te geven in een beknopte, transparante en begrijpelijke vorm, in duidelijke en eenvoudige taal. Dat staat in artikel 12 en het is de reden dat een privacyverklaring vol juridische bijzinnen strikt genomen niet voldoet, hoe compleet hij ook is.

Bij algemene voorwaarden voor consumenten geldt iets vergelijkbaars. Het Burgerlijk Wetboek eist in artikel 6:238 dat bedingen duidelijk en begrijpelijk zijn opgesteld, en bepaalt dat een onduidelijk beding wordt uitgelegd in het voordeel van de consument. Onbegrijpelijk schrijven kost je in dat geval dus geld.

Sinds 28 juni 2025 gelden bovendien de Europese toegankelijkheidsregels voor onder meer webwinkels, bankdiensten en e-boeken. Die gaan over veel meer dan taal, en begrijpelijke tekst hoort erbij. Micro-ondernemingen die diensten leveren, met minder dan tien medewerkers, zijn ervan uitgezonderd. Werk je voor de overheid of voor een organisatie met een publieke taak, dan gelden de toegankelijkheidseisen al sinds 2018.

Voor de praktijk is er één handzame richtlijn: taalniveau B1, het niveau dat de meeste volwassenen zonder moeite lezen. De rijksoverheid voert daar al enkele jaren campagne voor onder de naam Direct Duidelijk. Geen keurslijf, wel een goede toets voor de pagina's die ertoe doen.

Waar het verder misgaat

Op je site anders klinken dan aan de telefoon. Dat merken mensen bij het eerste gesprek, en dan klopt er iets niet.

Wisselen per kanaal. Vlot op sociale media en formeel in je offerte. Kies één stem en pas alleen de lengte en de ernst aan.

Een toon kiezen die niet bij je past. Als je zelf niet gezellig bent, wordt een gezellige site ongemakkelijk. Dat houd je niet vol.

De toon aan de vormgever overlaten. Een merkboek met kleuren en een lettertype maar zonder één voorbeeldzin is een half document. Wat een merk is zit voor een groot deel in taal.

Veelgestelde vragen over tone of voice

Wat is tone of voice?

Tone of voice is de manier waarop een bedrijf schrijft en praat: woordkeuze, zinslengte, aanspreekvorm en de mate van formaliteit. Het gaat niet over wat je zegt maar over hoe. Bij kleine bedrijven is het vaak het duidelijkste verschil met de concurrent.

Wat is het verschil tussen stem en toon?

Je stem is wie je bent en verandert niet. Je toon is de stand waarin die stem staat op een bepaald moment. Dezelfde nuchtere schrijver klinkt anders bij een felicitatie dan bij een storingsmelding, en dat hoort ook zo.

Wat is het verschil tussen tone of voice en huisstijl?

Een huisstijl gaat over wat mensen zien: logo, kleuren, lettertype. Tone of voice gaat over wat ze lezen en horen. In de praktijk krijgt de eerste bijna alle aandacht, terwijl bezoekers vooral tekst tot zich nemen.

Hoe bepaal je de tone of voice van je bedrijf?

Begin bij hoe je praat, niet bij bijvoeglijke naamwoorden. Neem een klantgesprek op of lees de vijf mails terug waar klanten het beste op reageerden. Kijk daarna hoe je klanten jou aanspreken. Wat overblijft schrijf je op als voorbeeldzinnen.

Moet ik je of u gebruiken op mijn website?

Er is geen algemeen goed antwoord; het hangt af van je vak en je klanten. Kijk hoe klanten jou aanschrijven in hun eerste mail. Kies er daarna één en gebruik hem overal, ook in je automatische berichten. Wisselen valt meer op dan de keuze zelf.

Mag je "wij" schrijven als je een eenmanszaak bent?

Het mag, en ik raad het af. "Wij" bij een bedrijf van één persoon leest als grootspraak en gaat mis zodra iemand belt en jou aan de lijn krijgt. "Ik" is eerlijker en bij een kleine dienstverlener een voordeel: mensen willen weten wie er komt.

Hoe leg je een tone of voice vast?

Op één A4: voor wie je schrijft, je keuzes over je of u en wij of ik, drie woorden die je stem beschrijven, voorbeeldzinnen in twee kolommen, een lijst met verboden woorden, en vier situaties met een voorbeeldzin. Zet er een naam en een datum op.

Hoe zorg je dat een tekstschrijver of collega je toon overneemt?

Geef voorbeelden in plaats van bijvoeglijke naamwoorden: vijf teksten die je goed vindt, één die je slecht vindt met erbij waarom, en het A4 met je keuzes. Lees de eerste drie stukken na en geef commentaar in termen van dat document.

Mag humor in zakelijke teksten?

Ja, met twee uitzonderingen: niet bij slecht nieuws en niet bij onderwerpen waar geld of schade in zit. Humor verhoogt de verwachting, en dat is verkeerd op het moment dat je iets moet uitleggen dat de klant niet wil horen.

Moet mijn toon per kanaal verschillen?

Nee. Wat verschilt is de lengte en de ernst, niet de stem. Een bericht op sociale media is korter dan een offerte en hoort van hetzelfde bedrijf te komen. Wie op het ene kanaal vlot is en op het andere formeel, wekt de indruk dat een van beide niet echt is.

Waarom werkt de toon van een groot merk niet voor mij?

Omdat die toon de bovenste laag is van een belofte die de rest van dat bedrijf nakomt, met een serviceorganisatie en een team van schrijvers erachter. Leen je alleen de toon, dan beloof je iets wat je niet levert. Bovendien houd je een stijl die niet bij je past hooguit een paar maanden vol.

Hoe schrijf je een afwijzing of slecht nieuws?

Zeg het in de eerste zin, geef daarna de reden, en bied als het kan een alternatief met een bedrag of een datum erbij. Laat verzachtende aanloopjes weg: daarvan moet de ontvanger twee keer lezen om te weten waar hij aan toe is.

Wat is taalniveau B1 en moet ik daaraan voldoen?

B1 is het taalniveau dat de meeste volwassenen zonder moeite lezen: korte zinnen, gewone woorden, geen bijzinnen die je twee keer moet nemen. Voor een gewoon bedrijf is het niet verplicht. De AVG eist wel duidelijke en eenvoudige taal in je privacyverklaring, en onduidelijke algemene voorwaarden worden uitgelegd in het voordeel van de consument.

Waar begin ik als mijn teksten nu overal anders klinken?

Bij je vijf drukst bezochte pagina's en je vijf meest verstuurde mails. Loop daarna je automatische berichten langs: bevestigingen, foutmeldingen in formulieren, je 404-pagina en je cookiemelding. De rest komt vanzelf als je toch iets aanpast.

Helpt een vaste toon ook voor je vindbaarheid?

Indirect. Zoekmachines belonen geen stijl, ze belonen pagina's die mensen uitlezen. Een tekst die klinkt alsof er iemand achter zit wordt verder gelezen dan een tekst uit een sjabloon, en dat is het enige verband dat je hard kunt maken. Hoe je die teksten opzet staat in het artikel over contentmarketing.

Dit artikel hoort bij Internet Marketing Begrippen. Daar vind je meer uitleg over hetzelfde onderwerp.

Een vraag over dit onderwerp?

Vertel waar je tegenaan loopt.

Maurits denkt met je mee en geeft je een praktisch antwoord.

reactie dezelfde werkdag
Maurits van Platform Pro

Vertel kort waar je aan denkt

Nu gesloten, ik reageer de volgende werkdag

Maurits leest je bericht en neemt persoonlijk contact met je op.

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
Dit veld is verborgen bij het bekijken van het formulier