Kennisbank · Internet Marketing Begrippen
Wat is een betalingsdrempel?
Een betalingsdrempel is het minimumbedrag dat bereikt moet worden voordat er wordt uitbetaald of gefactureerd. Kom je er niet aan, dan schuift het bedrag door naar de volgende periode.
Je komt hem op twee plekken tegen: bij partijen die geld aan jou uitbetalen, en bij bedrijven die pas vanaf een bepaald bedrag een factuur sturen. In beide gevallen is de reden dezelfde, en die reden staat in het kostenplaatje van één transactie.
Waar je hem tegenkomt
Advertentienetwerken. Google AdSense keert pas uit boven een vast drempelbedrag dat per valuta verschilt. Zit je eronder, dan blijft het saldo staan tot je die grens haalt. Haal je hem, dan volgt de uitbetaling in de tweede helft van de maand erna, niet meteen.
Affiliate-netwerken. Partijen als Awin, Daisycon en TradeTracker hanteren allemaal een minimumbedrag, meestal ergens tussen een paar tientjes en honderd euro. Wat zulke netwerken verder doen staat in het artikel over affiliate-netwerken.
Betaaldienstverleners. Partijen als Mollie, Stripe en Adyen betalen volgens een schema uit, en houden soms een deel achter als reserve. Ook daar geldt vaak een minimum voordat het geld je kant op komt.
App stores en platforms. Verkoop je via een appwinkel of een marktplaats, dan wordt er per periode afgerekend boven een minimumbedrag, na aftrek van de commissie.
Bij je eigen facturatie. Bedrijven die per verbruik factureren sturen vaak pas een factuur vanaf een bepaald bedrag, omdat een factuur van drie euro meer kost dan hij oplevert.
Waarom hij bestaat
Elke uitbetaling en elke factuur kost geld. Er zit een banktransactie in, een controle, een boeking, en bij een fout een half uur van iemand die het uitzoekt.
Bij kleine bedragen kost dat verwerken meer dan het bedrag zelf. De drempel voorkomt dat en houdt het aantal transacties overzichtelijk. Bij een netwerk met tienduizenden partners scheelt één drempel honderdduizenden overboekingen per jaar.
Er zit ook een minder aangename kant aan. Geld dat onder de drempel blijft staan, blijft bij de andere partij staan. Bij grote netwerken met veel kleine partners telt dat op tot een bedrag dat rente doet en dat pas veel later wordt uitgekeerd, of nooit.
En er is een praktische reden die zelden wordt genoemd: hoe minder uitbetalingen, hoe minder controles op witwassen en identiteit. Een betaaldienstverlener moet weten aan wie hij geld overmaakt, en dat werk staat los van de hoogte van het bedrag.
Wat een transactie werkelijk kost
Om te begrijpen waarom drempels bestaan, moet je weten hoe de kosten zijn opgebouwd. Ze zijn namelijk niet allemaal een percentage.
Een iDEAL-betaling wordt bij vrijwel elke betaaldienstverlener afgerekend als een vast bedrag per transactie, niet als een percentage. Voor een bestelling van tweehonderd euro is dat verwaarloosbaar. Voor een bestelling van twee euro is het een groot deel van je omzet.
Creditcards werken andersom: een percentage plus een klein vast bedrag. In dat percentage zit onder meer de vergoeding die naar de bank van de kaarthouder gaat. Die vergoeding is Europees begrensd sinds 2015, op 0,2 procent voor betaalpassen en 0,3 procent voor creditcards van consumenten. Voor zakelijke kaarten en kaarten van buiten de Europese Economische Ruimte geldt die grens niet, en dat merk je aan je tarief.
Daar bovenop komen kosten die je pas ziet als er iets misgaat. Een terugboeking bij een creditcard kost een vast bedrag, ook als je gelijk krijgt. Een storting in een andere valuta kost wisselkosten. En bij sommige partijen betaal je per uitbetaling, dus vaker uitbetalen kost je geld.
Waarom kleine bedragen je model breken
Zet die vaste kosten naast een klein bedrag en de rekensom valt om.
Stel dat een betaling je dertig cent kost. Verkoop je iets van één euro, dan gaat er dertig procent af voordat je iets hebt gedaan. Bij vijf euro is het zes procent. Bij vijftig euro merk je het nauwelijks. Dat is de hele reden dat betalen per artikel in de journalistiek nooit van de grond is gekomen en abonnementen wel.
Ik zie ondernemers hier steeds dezelfde denkfout maken. Ze rekenen met een percentage terwijl hun kosten grotendeels vast zijn per transactie, en komen er pas achter als het kleine pakket het bestverkochte blijkt.
Het lastige is dat je die kosten in Nederland niet zomaar aan de consument mag doorberekenen. Sinds 13 januari 2018 is een toeslag verboden voor de betaalmiddelen die het meest worden gebruikt, waaronder iDEAL, de betaalpas en consumentencreditcards. Voor zakelijke kaarten en kaarten van buiten de Europese Economische Ruimte mag een toeslag nog wel, en dan alleen tot maximaal je werkelijke kosten.
Je kunt de kosten dus niet naast de prijs zetten. Ze moeten in je prijs zitten, of in je model. Dat verklaart waarom webwinkels een minimum orderbedrag hanteren, waarom software in maandpakketten wordt verkocht en waarom je bij freemium zelden een pakket van één euro ziet.
Manieren om onder de drempel uit te komen
Er zijn vier routes, en ze zijn allemaal een variatie op hetzelfde idee: minder transacties, grotere bedragen.
Bundelen. Verzamel wat je in een periode hebt geleverd en factureer dat in één keer. Per maand, per kwartaal, of zodra er genoeg op de teller staat. Dit is de klassieke betalingsdrempel in je eigen administratie.
Vooruit laten betalen. Laat de klant een tegoed opladen waar het verbruik vanaf gaat. Eén transactie in plaats van tachtig, en je hebt het geld binnen voordat je levert. Bij tegoeden hoort wel een duidelijke regeling over wat er met een restant gebeurt.
Een vast bedrag per periode. Een abonnement is voor de betaalkant het aantrekkelijkste model dat er is: voorspelbaar, één keer instellen, en de kosten per transactie zakken naar verhouding. Wat daarbij komt kijken staat in het artikel over wederkerende transacties.
Automatische incasso. De goedkoopste manier om terugkerende bedragen te innen, en dat verschil merk je bij kleine bedragen direct. Er zitten wel voorwaarden aan die je vooraf moet kennen.
Automatische incasso en terugboeken
Voor een incasso heb je een machtiging van de klant nodig en een contract met je bank of met een betaaldienstverlener. Je kondigt de afschrijving vooraf aan met het bedrag en de datum.
Het punt dat ondernemers verrast: een consument kan een incasso zonder opgaaf van reden laten terugboeken tot acht weken na de afschrijving. Bij een incasso waar geen machtiging voor was, loopt die termijn dertien maanden. Zakelijke incasso's tussen ondernemers kennen die terugboekmogelijkheid niet, mits daar de zakelijke variant voor is gebruikt.
Reken daar in je administratie op. Geld dat binnen is, is niet definitief binnen. Bij diensten die je vooruit factureert betekent dat dat je pas na twee maanden zeker weet dat een betaling blijft staan.
Praktisch: houd je incassobestanden en machtigingen bij, want bij een terugboeking wil je kunnen laten zien waarvoor er is getekend. En incasseer nooit een bedrag dat afwijkt van wat je hebt aangekondigd, want dat is de snelste route naar een storniering en een boos telefoontje.
Waar je op let bij een partij die aan jou uitbetaalt
- Wat het bedrag is en of het per netwerk verschilt. Bij vijf netwerken met elk een drempel van vijftig euro heb je zomaar tweehonderdvijftig euro uitstaan die je nergens ziet.
- Wanneer er wordt uitbetaald. Bereik je de drempel op de eerste van de maand, dan kan het alsnog zes weken duren voordat het geld op je rekening staat. Kijk naar het uitbetaalschema, niet alleen naar de drempel.
- Of er kosten per uitbetaling zijn en of die veranderen bij een ander bedrag of een andere valuta.
- Of er een vervaltermijn is. Sommige partijen laten een saldo vervallen bij een lang inactief account. Lees dat na voordat je stopt met een netwerk, want dan is het te laat.
- Of je gegevens compleet zijn. Een ontbrekend btw-nummer, een niet-bevestigd rekeningnummer of een openstaande identiteitscontrole houdt uitbetalingen tegen, ook als je de drempel ruim haalt. Die controles volgen uit de regels tegen witwassen en zijn niet onderhandelbaar.
- Of de drempel aangepast kan worden. Bij sommige partijen kun je hem in je instellingen verhogen, en soms op verzoek verlagen. Verhogen kan handig zijn als je liever één keer per jaar een groter bedrag ontvangt.
Als je zelf een drempel instelt
Werk je met verbruik of met kleine periodieke bedragen, dan kun je overwegen om pas te factureren vanaf een bepaald bedrag. Dat scheelt jou administratie en het scheelt je klant een stapel kleine facturen.
Zet het in je voorwaarden en vertel het vooraf. Een klant die na drie maanden ineens een factuur krijgt waar hij niet op rekende, belt. Zet er ook in wat er gebeurt als de samenwerking eindigt terwijl het bedrag nog onder de drempel staat: factureer je dan alsnog, of laat je het vervallen?
Er zit een grens aan die vrijheid bij zakelijke klanten. Voor de btw moet je een factuur uitreiken uiterlijk op de vijftiende dag van de maand na de maand waarin je hebt geleverd. Je mag dus niet eindeloos opsparen als je aan ondernemers levert. Wil je toch bundelen, dan spreek je af dat je per periode levert in plaats van per handeling, zodat het leveringsmoment verschuift. Laat die constructie één keer door je boekhouder bekijken.
Aan particulieren hoef je in de meeste gevallen geen factuur uit te reiken, dus daar heb je meer ruimte. Wel moet duidelijk zijn wanneer er betaald moet worden. Onduidelijkheid over betaalmomenten is een bron van klachten die je makkelijk voorkomt met één zin in de bevestigingsmail.
De informatieplicht bij online verkoop
Verkoop je online aan consumenten, dan liggen de spelregels behoorlijk vast in het Burgerlijk Wetboek. Ze raken je betalingsdrempel direct, want ze gaan over wat de klant vooraf moet weten.
Je moet voor het afronden van de bestelling duidelijk maken wie je bent, wat de klant krijgt, en wat de totale prijs is inclusief btw en alle onvermijdelijke kosten. Aan consumenten toon je prijzen inclusief btw; dat volgt uit de regels over prijsaanduiding en niet uit een keuze van jou.
De bestelknop moet ondubbelzinnig aangeven dat er een betaalverplichting ontstaat. Die eis geldt sinds 13 juni 2014. Staat er alleen "verder" of "bevestigen", dan is de consument niet aan de bestelling gebonden. Een knop met "bestellen met betalingsverplichting" of "kopen" voldoet.
Loopt er een terugkerende betaling of een minimumafname, dan hoort dat vooraf te staan, inclusief de looptijd en de manier van opzeggen. Datzelfde geldt voor een tegoed dat kan vervallen.
Er is een bedenktijd van veertien dagen bij verkoop op afstand aan consumenten. Bij digitale inhoud die meteen wordt geleverd vervalt die alleen als de klant daar uitdrukkelijk mee instemt en verklaart dat hij zijn recht daarmee opgeeft.
Sinds 28 mei 2022 gelden er strengere regels rond prijsvoordelen en beoordelingen. Noem je een van-prijs, dan moet die verwijzen naar de laagste prijs die je in de dertig dagen ervoor hebt gevraagd. De ACM houdt hier toezicht op en publiceert regelmatig over onverwachte kosten in het afrekenscherm. Meer over de bredere kant van online verkopen staat in het artikel over e-commerce.
Wat het voor je administratie betekent
Geld dat je hebt verdiend maar nog niet hebt ontvangen is omzet die je moet verantwoorden. Wanneer precies hangt af van je administratie: bij het factuurstelsel op het moment van de factuur, bij het kasstelsel bij ontvangst. Voor de btw geldt in beginsel het moment waarop de factuur uitgereikt had moeten worden.
Praktisch: houd per netwerk bij wat er openstaat. Bij het opmaken van je jaarcijfers wil je weten hoeveel er nog buiten staat, en dat zie je nergens vanzelf. Een tabblad met vijf regels is genoeg, zolang je hem bijhoudt.
Let op de valuta. Word je in dollars uitbetaald, dan verschilt het bedrag op je bankafschrift van het bedrag in het dashboard, en dat verschil hoort in je boekhouding als koersverschil terecht te komen.
En over vervallen saldo: een vordering uit een overeenkomst verjaart in Nederland in beginsel na vijf jaar. Een voorwaarde die je saldo al na een paar maanden inactiviteit laat verdampen is bij een consument aanvechtbaar. Bij een zakelijke overeenkomst tussen jou en een buitenlands netwerk is dat een stuk lastiger, dus lees de voorwaarden voordat je een account laat slapen.
De drempel in het hoofd van de klant
Het woord betalingsdrempel wordt ook anders gebruikt: als de aarzeling die iemand voelt vlak voor het betalen. Dat is een ander onderwerp met dezelfde naam, en het is de reden dat veel mensen hier terechtkomen.
Die aarzeling zit zelden in de prijs. Hij zit in kosten die pas in de laatste stap zichtbaar worden, in een betaalmethode die iemand niet vertrouwt of niet heeft, in een formulier dat om meer vraagt dan nodig is, en in de vraag of dit bedrijf morgen nog bestaat.
In Nederland is iDEAL veruit de belangrijkste betaalmethode online. Bied je hem niet aan, dan verlies je bestellingen zonder dat je ziet waarom. Achteraf betalen is populair en kost je meer per transactie. Creditcard heb je nodig voor bezoekers uit het buitenland. Welke koppelingen je platform daarvoor heeft staat in het overzicht van e-commerceplatforms.
Wat verder helpt: het volledige bedrag inclusief verzendkosten laten zien voordat iemand aan het invullen begint, geen account verplicht stellen, en zichtbaar maken wie je bent met een adres en een telefoonnummer. Dat laatste doet meer voor je omzet dan een keurmerk. Hoe je dat traject verbetert valt onder conversie-optimalisatie.
Wat er in het betaalverkeer veranderd is
Er is de laatste jaren meer veranderd dan de meeste ondernemers hebben meegekregen, en het raakt precies de kosten waar drempels op zijn gebouwd.
Sinds eind 2020 geldt in de Europese Economische Ruimte de eis van sterke klantauthenticatie bij online betalingen. Dat is de reden dat je bij een creditcardbetaling om een bevestiging in je bankapp wordt gevraagd. Het heeft fraude teruggedrongen en het kost je een deel van de mensen die halverwege afhaken.
De toeslag op gewone consumentbetalingen is sinds januari 2018 verboden, waardoor transactiekosten definitief een kostenpost van de verkoper zijn geworden in plaats van iets dat je afwentelt.
Overboekingen zijn sneller geworden. Op grond van de Europese verordening over directe overboekingen moesten banken in de eurozone vanaf 9 januari 2025 directe overboekingen kunnen ontvangen, en vanaf 9 oktober 2025 ook kunnen versturen. Sindsdien hoort daar ook een controle bij of de naam bij het rekeningnummer past, wat een deel van de factuurfraude wegneemt.
En iDEAL zelf verandert. Het merk is in 2023 overgegaan naar het European Payments Initiative, dat werkt aan een Europese betaalwallet. Voor jou als ondernemer verandert er in de tussentijd weinig, maar de aankondigingen komen via je betaaldienstverlener en het is verstandig om die te lezen in plaats van weg te klikken.
Veelgestelde vragen over de betalingsdrempel
Wat is een betalingsdrempel?
Het minimumbedrag dat bereikt moet zijn voordat er wordt uitbetaald of gefactureerd. Blijf je eronder, dan schuift het bedrag door naar de volgende periode en blijft het staan bij de partij die het je verschuldigd is. Je komt hem tegen bij advertentienetwerken, affiliate-netwerken, betaaldienstverleners en bij bedrijven die per verbruik factureren.
Waarom hanteren netwerken een betalingsdrempel?
Omdat elke uitbetaling geld kost: een banktransactie, een controle en een boeking. Bij een bedrag van twee euro kost het verwerken meer dan het bedrag zelf. Daarnaast beperkt het het aantal identiteits- en witwascontroles dat een partij moet uitvoeren.
Kan ik een betalingsdrempel laten verlagen?
Soms. Bij sommige netwerken staat het bedrag vast en bij andere kun je het in je instellingen aanpassen, meestal alleen naar boven. Verlagen kan een keer lukken op verzoek, bijvoorbeeld als je stopt met het programma. Vraag ernaar bij de partij zelf; in de voorwaarden staat het zelden.
Wat gebeurt er met mijn saldo als ik stop met een netwerk?
Dat hangt van de voorwaarden af. Sommige partijen betalen bij beëindiging het restant uit, andere laten een saldo onder de drempel vervallen na een periode van inactiviteit. Zoek dit op voordat je een account sluit, en vraag om uitbetaling voordat je stopt met plaatsen.
Hoelang duurt het voordat ik word uitbetaald?
Vaak langer dan de drempel doet vermoeden. Het typische patroon is dat de omzet van een maand pas na afloop wordt goedgekeurd en daarna in de volgende maand wordt uitbetaald. Bij affiliate marketing komt daar de goedkeuringstermijn van de adverteerder nog bij, en die kan bij producten met veel retouren maanden duren.
Waarom krijg ik geen uitbetaling terwijl ik de drempel heb gehaald?
Meestal ontbreekt er iets in je gegevens. Een niet-bevestigd rekeningnummer, een ontbrekend btw-nummer, een belastingformulier dat nog open staat, of een identiteitscontrole die niet is afgerond. Kijk in je account bij de betaalinstellingen; daar staat vrijwel altijd een melding.
Mag ik als ondernemer een minimumbedrag hanteren voordat ik factureer?
Aan particulieren mag dat, mits je vooraf duidelijk maakt hoe en wanneer er wordt afgerekend. Aan ondernemers zit je vast aan de btw-regel dat je uiterlijk op de vijftiende dag van de maand na de levering een factuur uitreikt. Wil je bundelen, spreek dan af dat je per periode levert en zet dat in je voorwaarden.
Mag ik transactiekosten doorberekenen aan mijn klant?
Bij consumenten niet voor de gangbare betaalmiddelen. Sinds 13 januari 2018 is een toeslag verboden voor onder meer iDEAL, de betaalpas en creditcards van consumenten binnen de Europese Economische Ruimte. Voor zakelijke kaarten en kaarten van buiten de EER mag een toeslag wel, en dan hooguit ter hoogte van je werkelijke kosten.
Wat kost een iDEAL-betaling ongeveer?
Bij vrijwel alle betaaldienstverleners is het een vast bedrag per transactie in plaats van een percentage. Dat maakt iDEAL gunstig bij grotere bestellingen en ongunstig bij kleine bedragen. Vraag altijd naar het complete tarievenblad, inclusief maandkosten, kosten per uitbetaling en het tarief voor terugboekingen.
Wat is het verschil tussen een betalingsdrempel en een minimum orderbedrag?
Een betalingsdrempel gaat over het moment van uitbetalen of factureren. Een minimum orderbedrag gaat over de kleinste bestelling die je aanneemt. Beide bestaan om dezelfde reden, namelijk de vaste kosten per transactie, en beide moet je vooraf melden aan je klant.
Moet ik openstaand saldo bij een netwerk in mijn boekhouding opnemen?
Ja, verdiende maar nog niet ontvangen bedragen zijn omzet die je verantwoordt. Op welk moment hangt af van je stelsel: bij het factuurstelsel op het moment van de factuur, bij het kasstelsel bij ontvangst. Houd per netwerk bij wat er openstaat, want aan het eind van het jaar wil je dat cijfer hebben.
Verjaart een openstaand saldo bij een netwerk?
Een vordering uit een overeenkomst verjaart in Nederland in beginsel na vijf jaar. Daarnaast kunnen voorwaarden bepalen dat een saldo bij langdurige inactiviteit vervalt, wat iets anders is dan verjaring. Bij consumenten is zo'n beding aanvechtbaar, bij een zakelijke overeenkomst met een buitenlandse partij vaak niet.
Hoe verlaag ik de drempel om te betalen bij mijn eigen klanten?
Toon het complete bedrag inclusief verzendkosten voordat iemand begint met invullen, bied iDEAL aan, vraag geen verplicht account, en zet je bedrijfsgegevens en telefoonnummer zichtbaar op de pagina. De meeste afhakers verdwijnen door een verrassing in de laatste stap, niet door de prijs zelf.
Kan ik betalen per artikel of per gebruik aanbieden?
Technisch wel, financieel meestal niet. Bij bedragen onder een euro of twee gaat een groot deel op aan de vaste kosten per transactie, en doorberekenen mag bij consumenten niet. Werk in dat geval met een tegoed dat de klant in één keer oplaadt, of met een vast bedrag per maand.
Dit artikel hoort bij Internet Marketing Begrippen. Daar vind je meer uitleg over hetzelfde onderwerp.
