Kennisbank · SEO
Wat is zoekgedrag van gebruikers?
Zoekgedrag is hoe mensen zoeken: welke woorden ze intikken, hoeveel woorden dat zijn, wat ze eigenlijk bedoelen en wat ze doen met wat ze vinden.
Het is de meest onderschatte bron van informatie die je hebt. Mensen typen in een zoekbalk dingen die ze aan niemand zouden vragen.
Wie dat gedrag kent, schrijft andere pagina's. Niet meer pagina's, maar pagina's die aansluiten op het moment waarop iemand zoekt.
Wat mensen bedoelen
De belangrijkste indeling is die naar bedoeling, en die bepaalt wat voor pagina er kans maakt.
Iets willen weten. "Wat is een warmtepomp." Hier winnen uitlegartikelen. Een verkooppagina komt hier nooit bovenaan.
Ergens naartoe willen. "Marktplaats inloggen." Iemand weet waar hij heen wil en gebruikt Google als adresbalk.
Willen vergelijken. "Beste warmtepomp 2026", "warmtepomp of cv-ketel". Hier winnen overzichten, testen en vergelijkingen.
Willen kopen of regelen. "Warmtepomp laten installeren Veenendaal." Hier win je met een dienstpagina, en hier zit je omzet.
Die vier zijn geen etiketten die je zelf plakt. Ze zitten in de zoekopdracht en Google leest ze eruit, ook als de woorden op het eerste gezicht hetzelfde lijken.
De bedoeling aflezen van de resultatenpagina
Je ziet de bedoeling het snelst door de zoekopdracht zelf in te tikken en te kijken wat er staat. Google heeft miljarden keren gezien wat mensen aanklikken bij die woorden, en daar ga jij niets aan veranderen.
Staan er vooral artikelen, dan is het een informatievraag. Staan er webshops, dan wil men kopen. Een kaartje met bedrijven betekent lokaal, en video's bovenaan betekenen dat mensen iets willen zien in plaats van lezen.
Dat betekent ook dat je soms moet accepteren dat je die zoekopdracht niet gaat winnen. Voor "wat kost een website" staan overzichtsartikelen, geen tarievenpagina's. Wil je daar staan, dan schrijf je een artikel en geen offerte. Hoe de resultatenpagina verder is opgebouwd staat in het artikel over organische zoekresultaten.
Let er wel op dat wat jij ziet niet is wat iedereen ziet. Je resultaten zijn gekleurd door je locatie, je taal en je eerdere zoekopdrachten. Kijk in een privévenster als je een eerlijk beeld wilt.
Hoe zoekopdrachten langer werden
Zoekopdrachten zijn de afgelopen jaren langer geworden. Waar mensen vroeger twee woorden intikten, tikken ze nu hele vragen in.
Dat komt doordat zoekmachines beter werden in het begrijpen van zinnen. In 2015 kwam RankBrain, dat onbekende zoekopdrachten kon plaatsen door ze te vergelijken met bekende. Eind 2019 volgde BERT, waarmee kleine woorden ineens meetelden. "Vlucht naar Amsterdam" en "vlucht vanuit Amsterdam" zijn sindsdien twee verschillende zoekopdrachten.
Voor jou betekent dat iets simpels: schrijf voluit. Een pagina die de vraag beantwoordt zoals iemand hem stelt, wint van een pagina waar losse zoekwoorden op zijn geplakt. Hoe die langere zoekopdrachten eruitzien staat in het artikel over long-tail zoekwoorden.
Wat er verder in de rangschikking meespeelt en wat Google daarover wel en niet bevestigt, staat in het artikel over zoekmachinealgoritmen.
Praten tegen een assistent
Een deel van het zoeken gaat inmiddels hardop. Mensen vragen iets aan hun telefoon, aan een luidspreker in de keuken of aan hun auto, en dat levert andere zinnen op dan typen.
Gesproken zoekopdrachten zijn langer, hebben vaker een vraagwoord en klinken als spreektaal. Niemand typt "hoe laat gaat de bouwmarkt in Veenendaal vanavond dicht", maar zo vraagt iedereen het wel.
Twee dingen daarbij, en het tweede wordt zelden gezegd. Het eerste: spraak levert vaak één antwoord op in plaats van een lijst, en dat antwoord komt uit een pagina die de vraag kort en duidelijk beantwoordt. Het tweede: de voorspellingen over spraakzoeken zijn jarenlang veel te groot geweest. Voor de meeste bedrijven is het geen apart kanaal en gaat het om dezelfde vragen in andere bewoordingen.
Wat wel verandert is de assistent zelf. Google vervangt de Assistent op Android geleidelijk door Gemini, en dat maakt van een korte vraag met een kort antwoord een gesprek met vervolgvragen. Daarmee verschuift het zoeken van losse opdrachten naar een reeks.
Zoeken zonder te klikken
Een groeiend deel van de zoekopdrachten eindigt zonder klik. Google beantwoordt de vraag zelf: in een antwoordblok bovenaan, op een kaart, met een rekenmachine, of met de openingstijden meteen in het resultaat.
Dat is vervelend en het is niet allemaal verlies. Een deel van die zoekopdrachten had je toch niets opgeleverd: een definitie, een omrekening, het weer.
Sinds 2020 verschijnt een pagina die het antwoordblok vult niet nog een tweede keer in de gewone resultaten eronder. Je ruilt dus je plek in de lijst in voor de plek bovenaan, en of dat gunstig uitpakt verschilt per zoekopdracht. Bij een vraag die met twee zinnen beantwoord is, verlies je klikken. Bij een vraag waar mensen daarna meer van willen weten, win je ze.
Wat je eraan doet: beantwoord de vraag kort en volledig aan het begin van je pagina, met een kop die de vraag stelt. En richt je verder op zoekopdrachten waar iemand daarna wel iets moet doen.
Wat AI-antwoorden met het klikgedrag doen
Boven de gewone resultaten staat inmiddels ook in Nederland regelmatig een samenvatting die Google zelf schrijft, met een paar bronnen ernaast. In 2025 kwam daar een aparte gespreksmodus bij, waarin je door kunt vragen zonder de resultatenpagina te zien.
Daarnaast zoeken mensen buiten Google om. ChatGPT heeft sinds eind 2024 een zoekfunctie met bronvermelding, en diensten als Perplexity zijn op hetzelfde principe gebouwd: een antwoord met verwijzingen in plaats van een lijst met links.
Het effect op je bezoekcijfers is voorspelbaar: bij vragen die met een alinea te beantwoorden zijn, daalt het aantal klikken. Het effect op je aanvragen is dat veel minder. Wie klaar is met lezen na de samenvatting, was meestal ook niet degene die je zou bellen.
Wat helpt, is dat er iets uit je pagina te citeren valt: koppen die een vraag stellen, een direct antwoord eronder, feiten die kloppen en een datum erbij. Zet je bedrijfsgegevens in gestructureerde vorm op je site, zodat een machine ze kan overnemen. En schrijf over dingen die alleen jij weet, want algemeenheden schrijft zo'n systeem zelf wel.
Wat je in Search Console ziet: vertoningen en klikken uit die AI-antwoorden worden meegeteld in het gewone rapport, zonder aparte filter. Je kunt dus niet nagaan welk deel van je verkeer daarvandaan komt. Zie je je posities gelijk blijven terwijl je klikfrequentie daalt, dan is dit een van de waarschijnlijke oorzaken. Wat je verder aan die klikfrequentie kunt doen staat in het artikel over je klikfrequentie verbeteren.
Wat er in Europa aan de resultatenpagina veranderde
De resultatenpagina die jij ziet is niet dezelfde als die in de Verenigde Staten. Sinds maart 2024 gelden voor Google in de Europese Unie de regels van de Digital Markets Act, die grote platforms verbiedt hun eigen diensten voor te trekken.
In de praktijk is dat te zien bij zoekopdrachten over hotels, vluchten en producten. Daar kwam meer ruimte voor vergelijkingssites en werden de eigen blokken van Google aangepast. Voor wie in die branches werkt, veranderde het klikgedrag daardoor merkbaar.
Voor een gewone dienstverlener valt dat effect mee. Het is vooral een reden om Amerikaanse voorbeelden en schermafbeeldingen uit blogs met een korrel zout te nemen: die pagina ziet er hier anders uit.
Wat er na de klik gebeurt
Zoekgedrag houdt niet op bij de klik. Iemand die terugkeert naar de resultaten en het volgende resultaat aanklikt, heeft op jouw pagina niet gevonden wat hij zocht.
Google heeft jarenlang ontkend dat klikgedrag meetelt in de rangschikking. Tijdens de Amerikaanse rechtszaak tegen Google in 2023 kwam naar buiten dat er wel degelijk een systeem bestaat dat klikgegevens gebruikt, en in 2024 bevestigden uitgelekte interne documenten dat beeld. Wat dat precies weegt, weet niemand buiten Google.
Belangrijker voor jou is wat het over je pagina zegt. Iemand die na vijf seconden weg is, kreeg een titel voorgeschoteld die iets anders beloofde dan de pagina bood. Dat is een tekstprobleem en zelden een technisch probleem.
De meest voorkomende oorzaak die ik tegenkom: een titel die een prijs of een antwoord suggereert en een pagina die daarover zwijgt. Wie op "wat kost onderhoud" klikt en een contactformulier krijgt, is weg.
Waar je het echte gedrag ziet
Google Search Console. Hier staan de zoekopdrachten waarop jouw pagina's verschijnen. Dit is de enige bron met jouw eigen bezoekers erin, en er staan altijd termen tussen die je niet had verwacht.
De suggesties in Google. Begin te typen en kijk wat er verschijnt. Dat zijn echte zoekopdrachten van echte mensen, al zijn ze wel gekleurd door waar je zit en wat je eerder zocht.
Het blok met vragen. Halverwege de resultatenpagina staat een rijtje andere vragen. Klap er een paar open, dan komen er steeds meer bij.
Je eigen zoekfunctie. Zoeken bezoekers op je site, houd dan bij waarop. Dat vertelt je precies wat ze niet konden vinden.
Je telefoon en je mailbox. Wat mensen je vragen is wat ze ook intikken, alleen dan in hun eigen woorden. Dat is dezelfde bron waarmee je marketingpersona's maakt.
Wat Search Console je niet vertelt
Search Console is gratis en onmisbaar, en er zitten drie gaten in waar veel mensen overheen lezen.
Het bewaart zestien maanden. Wil je verder terugkijken, dan moet je zelf exporteren of een koppeling maken. Doe dat een keer, want een jaar later kun je het niet meer ophalen.
Zeldzame zoekopdrachten worden weggelaten om te voorkomen dat er iets over een persoon te herleiden valt. De optelsom van je zoekopdrachten komt daardoor nooit uit op je totale aantal klikken. Juist die lange staart is vaak het interessantste deel.
En de gemiddelde positie is een gemiddelde over alle vertoningen, over alle apparaten en alle plaatsen. Positie 8,4 kan betekenen dat je in Utrecht derde staat en in Groningen twaalfde. Filter daarom op land, op apparaat en op losse pagina's voordat je conclusies trekt. Voor het uitsplitsen per gebied is geografische targeting het bijbehorende onderwerp.
Seizoenen, pieken en nieuws
Zoekgedrag is niet stabiel over het jaar. Een hovenier wordt in maart gezocht, een dakdekker na de eerste storm, en een boekhouder in de weken voor de aangifte.
In Google Trends zie je die patronen gratis terug, met gegevens die tot 2004 teruggaan. Je krijgt geen absolute aantallen maar een verhouding, en dat is genoeg om te zien wanneer een onderwerp aantrekt.
Gebruik dat om je planning te maken. Een artikel dat in maart moet ranken, zet je in januari online. Een pagina die je in de week zelf publiceert, komt te laat.
Let ook op eenmalige pieken door nieuws of een regelwijziging. Zodra er iets verandert aan subsidies, belastingen of verplichtingen, stijgt het zoekvolume rond dat onderwerp binnen een dag. Wie dan als eerste een fatsoenlijke uitleg heeft staan, houdt daar maanden profijt van.
Zoeken op de telefoon en onderweg
Het merendeel van de zoekopdrachten komt van een telefoon, en dat verandert het gedrag. Mensen zoeken korter, ongeduldiger en vaker met een directe aanleiding.
Lokale bedoeling wordt daarbij ingevuld zonder dat iemand erom vraagt. "Sushi" op een telefoon levert sushi in de buurt op. De woorden "in de buurt" hoeven al jaren niet meer ingetikt te worden.
Wat dat voor je site betekent: het antwoord moet boven de vouw staan, je telefoonnummer moet aan te tikken zijn en je openingstijden moeten kloppen. Een bezoeker die op straat staat leest je merkverhaal niet.
Nog iets dat verschuift: jongeren zoeken lang niet alles meer in een zoekmachine. Google zei in 2022 zelf dat een groot deel van de jongste gebruikers voor een plek om te eten eerder TikTok of Instagram opent dan Maps. Dat betekent niet dat Google er niet meer toe doet, wel dat de eerste plek waar iemand kijkt per leeftijd en per onderwerp verschilt.
Zoekgedrag op je eigen site
De zoekfunctie op je eigen website is een gratis vragenlijst die je bezoekers vrijwillig invullen. Toch zet bijna niemand de meting ervan aan.
In Google Analytics 4 wordt zoeken op je site standaard gemeten als onderdeel van de uitgebreide meting, mits je zoekfunctie de zoekterm in de URL zet. Waar je dat terugvindt staat in het artikel over Google Analytics.
Kijk daarna naar drie dingen. Welke woorden komen vaak voorbij, want dat zijn onderwerpen die je in je menu mist. Welke zoekopdrachten leveren geen resultaat op, want dat zijn pagina's die je nog niet hebt. En wat doen mensen na het zoeken: gaan ze door of haken ze af.
Bij webshops zit hier vaak omzet. Zoektermen zonder resultaat wijzen op producten die je niet voert, of erger, op producten die je wel voert maar anders hebt genoemd dan je klanten ze noemen.
Wat je met dit alles doet
Schrijf in de woorden van je klant en niet in die van je vak. Een installateur noemt het een warmtepomp met buffervat, de klant zoekt op wat het kost.
Maak per bedoeling een andere pagina. Uitleg en verkoop op één pagina proppen werkt voor geen van beide. Welke woorden op welke pagina thuishoren staat in het artikel over zoekwoorden.
Zet elk kwartaal een uur in je agenda voor Search Console. Sorteer op vertoningen, kijk naar wat er nieuw in staat, en let vooral op zoekopdrachten waarbij je veel vertoningen hebt en weinig klikken. Daar staat je titel niet goed, of je pagina beantwoordt de vraag half.
En houd een lijst bij van vragen die je aan de telefoon krijgt. Dat is de goedkoopste onderwerpenlijst die bestaat en hij is bovendien van jou alleen.
Waar het misgaat
Kijken naar zoekvolume en niet naar bedoeling. Een woord met veel zoekvolume waar iedereen alleen informatie zoekt, levert je geen klant op.
Denken dat je eigen zoekgedrag normaal is. Jij kent de vaktermen. Je klant zoekt op het probleem, niet op de oplossing.
Alles op één pagina willen. Een pagina die uitlegt, vergelijkt en verkoopt, wint geen van de drie.
Achter elke verandering aanrennen. Zoekgedrag verschuift langzaam. Een daling van één week is meestal seizoen, een storing of een update die weer voorbijgaat.
Bezoekersaantallen als doel nemen. Meer bezoek zonder meer aanvragen betekent dat je de verkeerde zoekopdrachten binnenhaalt.
Veelgestelde vragen over zoekgedrag
Wat is zoekgedrag van gebruikers?
Zoekgedrag is alles wat mensen doen rond een zoekopdracht: welke woorden ze kiezen, hoe ze die formuleren, wat ze aanklikken, hoelang ze blijven en of ze terugkomen om iets anders te proberen.
Voor een website is het de basis waarop je bepaalt welke pagina's je maakt en hoe je ze opschrijft.
Wat is zoekintentie?
Zoekintentie is wat iemand met een zoekopdracht wil bereiken. Grofweg vier dingen: iets weten, ergens naartoe, iets vergelijken, of iets kopen of regelen.
Je bepaalt de intentie door de zoekopdracht in te tikken en te kijken wat voor pagina's Google toont. Dat is een betrouwbaarder oordeel dan je eigen inschatting.
Hoe achterhaal ik waarop mijn klanten zoeken?
Begin in Google Search Console. Daar staan de zoekopdrachten waarop jouw site al verschijnt, inclusief de termen waar je zelf nooit aan had gedacht.
Vul dat aan met de suggesties in de zoekbalk, het blok met andere vragen op de resultatenpagina, de zoekfunctie op je eigen site en de vragen die je aan de telefoon krijgt.
Zijn zoekopdrachten echt langer geworden?
Ja. Mensen tikken vaker hele vragen in dan losse woorden, en dat komt doordat zoekmachines zinnen zijn gaan begrijpen. Sinds BERT eind 2019 tellen kleine woorden als "voor", "naar" en "zonder" mee in de betekenis.
Praktisch betekent dat: schrijf voluit en beantwoord de vraag zoals iemand hem stelt.
Moet ik mijn website aanpassen voor spraakzoeken?
Niet als apart project. Gesproken zoekopdrachten zijn dezelfde vragen in spreektaal, dus een pagina die vragen kort en duidelijk beantwoordt doet het daar vanzelf goed.
Wat wel loont: koppen die een echte vraag stellen, een direct antwoord eronder, en kloppende bedrijfsgegevens. Bij lokale vragen is dat laatste vaak doorslaggevend.
Wat is een zoekopdracht zonder klik?
Een zoekopdracht waarbij iemand het antwoord op de resultatenpagina zelf krijgt en dus nergens op klikt. Denk aan openingstijden, een omrekening, het weer of een korte definitie.
Dat aandeel groeit. Je kunt er iets aan doen door je op vragen te richten waar daarna een handeling op volgt, en door in de antwoordblokken te komen die wel naar je site verwijzen.
Kosten AI-antwoorden mij bezoekers?
Bij korte informatievragen wel. Als een samenvatting bovenaan de vraag afdoet, klikt een deel van de mensen niet meer door.
Bij vragen waar iemand daarna iets moet regelen, offreren of kopen, is het effect klein. Kijk daarom naar aanvragen en niet naar bezoekcijfers als je wilt weten of het je pijn doet.
Kan ik zien hoeveel bezoek uit AI-antwoorden komt?
Uit Google niet apart. Vertoningen en klikken uit de AI-samenvattingen worden meegeteld in het gewone rapport van Search Console, zonder filter om ze uit te splitsen.
Verkeer uit ChatGPT, Perplexity en vergelijkbare diensten zie je wel, als verwijzende bron in je statistiekenpakket. Dat zijn meestal kleine aantallen met opvallend goed gedrag op de site.
Telt klikgedrag mee voor mijn positie in Google?
Google heeft dat lang ontkend. Uit de Amerikaanse rechtszaak in 2023 en uit interne documenten die in 2024 uitlekten, blijkt dat klikgegevens wel degelijk een rol spelen.
Hoe zwaar, weet niemand van buiten. Ga er dus niet mee experimenteren met kunstmatige kliks; wat je wel kunt doen is zorgen dat je titel belooft wat je pagina levert.
Hoe vaak moet ik naar zoekgedrag kijken?
Eén keer per kwartaal een uur in Search Console is voor de meeste bedrijven genoeg. Kijk naar nieuwe zoekopdrachten, naar termen met veel vertoningen en weinig klikken, en naar pagina's die zakken.
Vaker kijken leidt tot conclusies uit ruis. Zoekgedrag verschuift over maanden, niet over dagen.
Wat betekenen veel vertoningen met weinig klikken?
Dat je gevonden wordt maar niet gekozen. Meestal ligt dat aan je titel en je omschrijving in de resultaten, of aan een positie onderaan de eerste pagina waar weinig mensen komen.
Soms is het de zoekopdracht zelf: staat er een antwoordblok of een kaartje boven de gewone resultaten, dan is er voor iedereen minder te klikken.
Verschilt zoekgedrag op mobiel van dat op een computer?
Ja. Op een telefoon zoeken mensen korter, vaker met een directe aanleiding en veel vaker lokaal. Google vult daarbij zelf aan dat het om de omgeving gaat, ook als iemand dat niet intikt.
Op een computer worden zoekopdrachten langer en oriënterender, met meer vergelijken en meer geopende tabbladen.
Wat kan ik met de zoekfunctie op mijn eigen website?
Meer dan de meeste mensen denken. De woorden die bezoekers daar intikken zijn de onderwerpen die ze in je menu misten, en zoekopdrachten zonder resultaat zijn pagina's die je nog niet hebt.
Zet de meting aan in je statistiekenpakket en kijk er elk kwartaal naar. Bij webshops levert het rechtstreeks omzet op, omdat je ziet welke producten mensen anders noemen dan jij.
Is Google Trends bruikbaar voor een klein bedrijf?
Voor seizoenen en pieken wel. Je ziet wanneer een onderwerp aantrekt en wanneer het inzakt, met gegevens die tot 2004 teruggaan.
Je krijgt er geen absolute zoekaantallen uit, alleen verhoudingen. Bij smalle regionale onderwerpen zijn de grafieken vaak te leeg om iets te zeggen.
Zoeken jongeren anders?
Deels. Google heeft in 2022 zelf gezegd dat een groot deel van de jongste gebruikers voor bijvoorbeeld een restaurant eerder TikTok of Instagram opent dan Maps.
Dat betekent niet dat zoekmachines er niet meer toe doen, wel dat de eerste plek waar iemand kijkt per leeftijd en per onderwerp verschilt. Verkoop je aan een jong publiek, dan is die verschuiving een reden om ook daar vindbaar te zijn.
Dit artikel hoort bij SEO. Daar vind je meer uitleg over hetzelfde onderwerp.
